Dam tot Dam Wandeltocht 40km

16 september 2006

Een verslag ter plaatse….door Marco de Witte

Op zaterdagmorgen vertrok ik om kwart voor acht gemotiveerd en wel naar de Dam om dit jaar om voor het eerst aan een wandeltocht van 40 km te gaan beginnen. In 2005 had ik de 26 km tocht voltooid en dat was mij zo goed bevallen dat ik mij wilde testen of ik de 40 km tocht aankon.
Mijn motivatie werd echter door het GVB (Geen Vervoer Beschikbaar) te Amsterdam wat getemperd daar zij weer eens een en ander hadden omgegooid wegens werkzaamheden. Uiteindelijk bereikte ik de Dam om half negen.

Om kwart voor negen zette ik mijn benenwagen in gang. Na 200 meter, in de oude Hooghstraat, dacht ik geluk te hebben. Ik zag 10 eurocent op de grond liggen. “Die is van mij“, dacht ik, toen ik, tot grote hilariteit van de medewandelaars, ontdekte dat dit muntstuk was vastgeplakt op straat.
In een grote groep, die voornamelijk bestond uit wandelaars die de 26 km volgden, ging de route langs de Montelbaanstoren, die al enige tijd in de steigers stond voor renovatie, naar de Entrepotdok. Aan de Entrepotdok staan de oude pakhuizen van weleer welke nu zijn verbouwd tot woningen. Na 3 km liepen wij langs de molen waaronder brouwerij ’t IJ is gevestigd om vervolgens verder te lopen naar de Schellingwoudebrug alwaar het eerste controlepost van de tocht was. Hier kon je al merken dat de tochten van Le Champion goed zijn georganiseerd. Albert Heijn had daar als sponsor gezorgd voor pallets vol met flesjes water, die gretig door de wandelaars werden
ontvangen ook omdat het een warme dag zou gaan worden.
Bij deze controlepost merkte ik dat ik ondanks mijn voorbereidingen, zoals pleisters op mijn hielen in verband met mijn redelijk nieuwe wandelschoenen, toch een kleine blaar had opgelopen en dat deze blaar ook nog al open bleek te zijn gegaan. Ik liet mij hierdoor niet uit de weg slaan en vervolgde met goede moed mijn tocht.

Aan de noordkant van het IJ, over de tweede brug, werden de langste routes gesplitst. Voor de 26 km moest men hier links. De 40 km wandelaars moesten eerst nog een lus door Waterland volgen om wederom op hetzelfde punt uit te kunnen komen.

In Durgerdam liep je langs het IJ meer. De zon begon al aardig door te breken. Op het water zag je een paar bootjes met hun nog gestreken zeilen in de ochtendmist op het water liggen. Een paar kilometer na Durgerdam liep je over de zeedijk met aan beide kanten een prachtig uitzicht. Links zag je het Kinselmeer liggen en rechts zag je het IJsselmeer waar al een aantal boten haar zeilen hadden gehesen. In de verte lag Pampus. Ik beeldde mij in hoe het uitzicht er ongeveer 3 eeuwen geleden uit moet hebben gezien, toen ongeveer
de halve vloot van het VOC voor Pampus lag om uiteindelijk hun ladingen in Amsterdam te kunnen lossen.

De route ging vervolgens richting Ransdorp, waar na 17,8 km de tweede controlepost was. Hier ruste ik een kwartier, want ik voelde de eerste verzuring in mijn benen. Volgens mij had ik in de eerste 5 km het tempo van de medewandelaars van de 26 km aangehouden. Ik vervolgde mijn weg door de landerijen rond Ransdorp en langs de volkstuinen van Amsterdam Noord om uiteindelijk weer bij de Schellingwoudebrug uit te komen. Hier vervolgde je weer de route van de 26 km.
Deze route ging vervolgens door de oude dorpsgdeelten van Schellingwoude en Nieuwendam. Bij de rotonde aan de Meeuwenlaan bleek de gemeente (ook hier in Amsterdam) de hele straat en het park open te hebben gehaald, wat mij weer bevestigde dat je in Amsterdam door alle opbrekingen tegenwoordig in plaats van een auto een terreinwagen nodig hebt. De route werd derhalve omgeleid. De plaatselijke jeugd had echter weer een geintje uitgehaald door de pijlen om te gooien, waardoor toch een aantal wandelaars verkeerd liepen.

Via het park en langs het Noord-Hollands Kanaal ging de route naar het Barkpad, het derde controlepunt. Onderweg passeerden wij nog een aantal bewoners die voor ons alvast hun geluidsterkte van de stereo testten om ons een goede ritme in de passen te laten houden om te bedenken dat de geluidsterkte mogelijk op Zondag bij de hardloopwedstrijd waarschijnlijk nog harder te doen laten horen.
Op de Bakpad hield ik weer voor een kwartier rust. Ook hier was het goed verzorgd. De wandelaars kregen hier onder andere bekers met AA-drink. Ook Bolletje stond hier met een stalletje met notenkoeken. Ik merkte hier dat de verzuring in mijn benen gestegen was tot boven mijn knieën. Ik had echter tegen mijzelf gezegd als ik het Barkpad haal, dan zal niemand mij meer tegenhouden en zo vervolgde vol goede moed mijn tocht.
Verderop kwam ik echter op de Landsmeerderdijk de eerste keer de man met de hamer tegen. Het tempo ging gestaag naar beneden. Na zonder te stoppen wat gedronken te hebben ging het iets beter. Op de Oostzanerdijk passeerde ik mijns inziens een kraakpand. In een raam op de bovenverdieping had men een stereo geplaatst waaruit het hardste soort housemuziek schetterde. Men
moedigde mij aan om op dit tempo verder te gaan. Ik riep terug dat mij dat in ieder geval niet meer zou lukken, tenzij ik ter plekke een hoeveelheid aan Epo innam. Ik hoorde hen nog lachen toen ik de bocht om liep.

Verderop had men op de Stoombootweg en later op de Oostzanerdijk de straat versierd en de muziek uit de installaties laten bulderen. De teksten op de spandoeken deed je bijna denken dat je bijna de finish had bereikt, terwijl je op dat moment nog ongeveer 10 km moest lopen. Uiteindelijk bereikte ik de vierde controlepost in de Molenwijkpark. Hier kon je van de organisatie kiezen uit een appel of een sinaasappel. De tocht was voor mij al weer zwaarder geworden. De verzuring was nog een graadje erger geworden.
Nog voor de Verlengde Stellingweg passeerde ik een thermometer in de middenberm van de weg en zag dat het de hele dag al 27 graden in de zon was.
Verderop langs de Verlengde Stellingweg richting Zaandam kwam ik opnieuw de man met de hamer tegen, ondanks dat ik hem hier zou verwachten en mij ertegen zou verweren. Ik werd aangemoedigd door een medewandelaarster. Ik zei dat het mijn eerste 40 km was. Na wat ervaringen te hebben uitgewisseld wenste zij mij veel succes en vervolgde haar weg in haar eigen tempo. Niet veel
later passeerde ik de volgende reclamestand. Campina had zich hier genesteld met haar nieuwe zuiveldrankjes met Cappucino- en een mokkasmaak. Die beker met cappuccinosmaak was echter een goede opkikker.

Op ongeveer 35 km had de Zaanse brandweer bij de vierde controlepost weer een container neergezet van waaruit men thee en koffie serveerde. Ik merkte daar dat ik waarschijnlijk een van de laatste wandelaars moest zijn die de post passeerde want er was bijna niemand meer. Ik merkte bij de wandelaars die daar nog wel zaten, dat ook zij te maken hadden met zware verzuring in de benen. Na een kwartier vervolgde ik alsnog mijn weg richting Zaandam.
De Joop den Uylbrug in Zaandam kun je in deze tocht echt tot de categorie der kuitenbijters laten behoren. Eerst gaat het een trap op om aan de overkant van de Zaan langs een smalle steile trap naar beneden te gaan . Hier merk je echt dar je benen bijna tegen je willen zeggen: “Bekijk het maar met je tocht, wij houden ermee op.” Tegen wil en dank zetten je benen je in beweging om je weg langs de Zaan te vervolgen. Voor de brug zag ik een jongen die echt bijna niet meer verder kon wegens en paar blaren op zijn voeten. Hij zei dat het wel ging waarna ik mijn tocht vervolgde.

Uiteindelijk bereikte ik via een mooie route de Dam in Zaandam. Hier zag je al de reeds gefinishte wandelaars op de terrassen zitten met een biertje in de hand. Ik liep verder langs de sluis en door het oude gedeelte van Zaandam. Op de laatste kilometer van de tocht ging de route zoals gewoonlijk langs het verzorgingshuis Pennemes. De bejaarden waren echter al naar binnen gegaan; al was er nog één bejaarde die ons probeerde aan te moedigen.
Een paar honderd meter voor de meet passeerde een wandelaar mij. “Da’s ook wat”, zei hij, “heb je bijna je tocht voltooid, wordt je nog op de meet gepasseerd.” “Ja, en dat is zwaar balen”, lachte ik terug waarna wij gezamenlijk de sporthal in wandelden naar de finishpost. Een domper op de feestvreugde was wel dat men in de sporthal eigenlijk alles al aan het afbreken en opbergen was. Ik werd door de organisatie wel gefeliciteerd met de behaalde tocht en ontving de welverdiende medaille. Later zag ik uiteindelijk ook de jongen met de blaren toch nog finishen.

Ik had het gehaald en merkte dat ik ook deze tocht aankon. Uiteindelijk heb ik al met al de tocht afgelegd in 8 uur en 35 minuten. Ik ben van plan om in 2007 wederom de 40 km te gaan wandelen.